Inloggen op de klantenomgeving

De Online Cockpit is exclusief voor opdrachtgevers. Indien u nog geen eigen account heeft, klik dan hier om uw vordering direct over te dragen of neem contact met ons op via telefoon +31(0)70-7620330.

Wachtwoord vergeten Inloggen
Incasso & de geestelijke stoornis
Door:
in Verbintenissenrecht
op 18 september 2014
mr. May Leung

“Ik hoef niet te betalen want ik ben geestelijk gestoord”

Vreemd? Nee hoor, dit is de nieuwe smoes in incassoland. Uitgangspunt is, bij het tot stand komen van een overeenkomst, dat de wil van iemand en zijn verklaring op elkaar afstemmen. Als iemand iets anders verklaart, dan dat hij wil, gaat het mis.

Geestelijke stoornis

De benaming klinkt, toegegeven, cru. In het geval dat een verklaring is afgelegd onder invloed van een geestelijke stoornis, lopen wil en verklaring uiteen.

Art. 3:34 BW bepaalt dat ‘Heeft iemand wiens geestvermogens blijvend of tijdelijk zijn verstoord, iets verklaard, dan wordt een met de verklaring overeenstemmende wil geacht te ontbreken, indien de stoornis een redelijke waardering der bij de handeling betrokken belangen belette, of indien de verklaring onder invloed van die stoornis is gedaan’.
De wet maakt geen onderscheid in het soort geestelijke stoornis. Zo maakt het niet uit of deze tijdelijk of blijvend is en maakt ook niet uit wat de oorzaak is van de stoornis. Kort gezegd, gestoord is gestoord.

De grens met abnormale verstrooidheid, een toestand van dronkenschap of hevige opwinding.

Wat een stoornis precies is, laat zich in de praktijk altijd bepalen aan de hand van de feiten. Dus de omstandigheden van het geval. Zo kunnen dus abnormale verstrooidheid – u stelt zich terecht de vraag “Wat is dan normale verstrooidheid?” – dronkenschap en hevige opwinding (!) als een geestelijke stoornis aangemerkt worden. U wilt niet weten wat er in een situatie van hevige opwinding allemaal verklaard en beloofd wordt.

Verschil tussen geestelijk gestoord en ondercuratelestelling

In de praktijk heeft de uitdrukking ‘geestelijk gestoord’ een negatieve bijklank. In het recht wordt het vrij droog uitgelegd. Een geestelijke stoornis is een grond voor ondercuratelestelling. Dat houdt in dat de rechter kan bepalen dat iemand, die geestelijk gestoord wordt verklaard, handelingsonbekwaam wordt. Dit betekent dat alle rechtshandelingen die een persoon verricht, nadat hij ondercuratele is gesteld, nietig zijn of vernietigd kunnen worden (en dus effect missen). Denk daarbij aan het sluiten koopovereenkomsten (zoals boodschappen doen bij Albert Heijn), het aangaan van een huurovereenkomst of het tekenen van een arbeidsovereenkomst (art. 1:381 BW).

Gehandeld met een geestelijk gestoorde?

In de praktijk krijgen we steeds vaker debiteuren die stellen niet te hoeven betalen, omdat ze de overeenkomst die gesloten is (en waarop uw factuur is gebaseerd) tijdens een periode van ‘geestelijke stoornis’ is gesloten. De wil om met u te contracteren en de verklaring (‘Ja, ik wil die nieuwe wasmachine’) zouden niet overeen hebben gestemd. Op deze manier probeert de debiteur echter vaak onder zijn betalingsverplichtingen uit te komen. In onze wet is – gelukkig – een zeer bruikbare bepaling opgenomen waarbij de wederpartij die met een geestelijk gestoorde heeft gehandeld wordt beschermd. De sleutel tot het omver werpen van de stelling van uw debiteur is het zogenaamde gerechtvaardigd vertrouwen. Dat wil zeggen: u had er, in de gegeven omstandigheden, op mogen vertrouwen dat, gelet op de verklaring van de debiteur, zijn wil daarmee in overeenstemming zou zijn.

Opgemerkt wordt dat als iemand ondercuratele komt te staan, dit openbaar is en dat had u – juridisch gezien dan – kunnen weten. Maar u had in sommige gevallen niet te hoeven verwachten dat er aan de zijde van debiteur ten tijde van zijn bestelling een geestelijke stoornis voordeed. Hoe moest u dat weten?

Bewijs in geval van geestelijke stoornis

Uitgangspunt in het Nederlands recht – en eigenlijk in alle landen om ons heen – is dat de partij die zich beroept op bepaalde feiten en gevolgen, deze ook moet bewijzen (art. 150 Rv.). Iemand die dus last heeft gehad van een geestelijke stoornis, moet dat bewijzen. De wet helpt echter de geestelijk gestoorde een beetje: in onze wet staat een rechtsvermoeden.

Allereerst moet vast komen te staan dat er een geestelijke stoornis plaats heeft gevonden. Dit kan met het horen van getuigen of deskundigen. Daarna moet aannemelijk worden gemaakt dat de verklaring onder invloed van de geestelijke stoornis is gedaan.

De wet beschermt de geestelijk gestoorde (rechtsvermoeden). Als namelijk deze persoon aantoont dat de rechtshandeling voor hem nadelig was, dan wordt ervan uit gegaan dat de verklaring zal zijn gedaan onder invloed van de stoornis – whatever that may be. Dat geldt dan weer niet als ten tijde van de rechtshandeling het nadeel niet was te voorzien.

Juridisch advies in geval van een geestelijke stoornis (van uw debiteur), het ontbreken van wil of verklaring of de schijn van het opgewekte vertrouwen?

De juristen verbintenissenrecht van het Invorderingsbedrijf hebben een ruime ervaring op het gebied van het contractenrecht, verbintenissenrecht en allerlei soorten overeenkomsten. Daarbij staat altijd een praktische en voor u profijtelijke oplossing centraal. Direct starten met incasso of juridisch advies, neem dan vrijblijvend contact met ons op via telefoonnummer 070-7620330 of e-mail.

ShareShare on Facebook0Tweet about this on Twitter0Share on Google+0